maandag 31 juli 2017

Anders nog?

26 juli 1969
In de drukke kroeg kan ik nauwelijks mijn eigen gedachten volgen. Eerst die spectaculaire maan landing met Neil Armstrong als eerste mens op de maan, gevolgd door de aankondiging gister van President Nixon dat Amerika de oorlog gaat Vietnamiseren (?)
De chaos overdenkend vraag ik mij af wat ik hier eigenlijk doe. Misschien zou een hobby toch beter zijn. Maar ik wantrouw mensen met een hobby. Hoe vinden ze daar de tijd voor? Er moeten dingen gedaan worden. Doelen nagestreefd. De enige troost is; de nummer één van de top-40, Je T’aime… Moi Non Plus van Jane Birkin en Serge Gainsbourg wordt gedraaid.
De deur gaat open en een meisje komt binnen. Ik ken haar wel, zij werkt bij de bakker.
Soms koop ik iets bij haar. Niet dat ik het nodig heb maar ik vind het zo leuk als zij aan elke klant “anders nog?” vraagt. Ze spreekt het uit als “anders noig?”
Bij mij doet ze dat ook altijd. Gister nog. Ik kocht een chocoladeflik en ja hoor daar kwam zij: ‘anders noig?’ Dus bestelde ik een krakeling.’Is het voor een cadeautje?,’ vroeg ze.
‘Nee hoor,’ antwoordde ik. ’Ik dacht, kom laat ik mijzelf eens trakteren.’
Ze knikte begrijpend. ’Anders noig?’
‘Ja, doe nog maar zo’n Mariakoekje.’
‘Doe maar grof, een héél koekje?? Zou u dat wel doen meneer? Want dat grijpt er wel meteen fors in.’
‘O, eh, ja, goed dat je dat zegt. Doe dan maar een half koekje. Kan het wel ingepakt?’
‘Tuurlijk meneer, anders noig?’
‘Ja.. U verkoopt toevallig geen pinda’s ?’
‘Nee meneer, helaas. Anders noig?’
‘Zou u dan een pinda van zo’n pindarotsje kunnen halen? Het rotsje zelf hoef ik niet.’
Ze schraapt met een mesje een pinda van een rotsje en doet hem in een zakje.
‘Anders noig?’
‘Eh nee, zo zijn wij er wel zou ik denken.’
‘Dat is dan veertien cent. Zal ik het laten bezorgen of denkt u dat het zelf kunt tillen?’
Het meisje passeert mij met een blik van herkenning. Ze loopt rechtstreeks naar de bar, bestelt twee vazen bier en loopt weer terug. Als zij mij weer passeert stopt ze: ’Hoi, biertje?’ Ze houdt uitnodigend een vaas omhoog.
‘Eh..graag.’
Ze pakt de bovenkant van mijn overhemd, trekt het naar voren en gooit het bier naar binnen.
Dan reikt zij mij de vaas met nog een klein bodempje bier erin aan.
‘Het is iets meer, mag dat?’
Verbijsterd knik ik terwijl het bier over mijn borst en buik druipt.
‘Fijn,’ zegt ze. ‘Anders noig?’
Ik staar haar aan maar zij loopt weg. Ze ruikt naar vers bruin brood…

zondag 30 juli 2017

Schat, denk je aan de zon...?

5 augustus 1968

Ergens in Barcelona zit ik relaxed op een terras. Onder een zonnescherm. Achtentwintig graden, weinig wind en smog. Wat wil je nog meer.
Naast mij een tafeltje waarachter een man en een vrouw zitten met een drankje voor zich. Het lijkt een echtpaar. Ze zien er verveeld uit.
De man schuift zijn stoel onder het zonnescherm vandaan om helemaal in de zon te zitten.
’Schat,’ zegt de vrouw. ‘Denk je aan de zon?’
De man zucht. ‘De hele dag! Waarom dacht je anders dat ik mijn stoel opzij schuif?’
‘Ja, maar je hebt je niet ingesmeerd. Dat is gevaarlijk. Kun je huidkanker van krijgen.’
‘Onzin ! Dat krijg je alleen van al die smeersels waar iedereen zich mee moet insmeren van de zonnecrème maffia. Vooral factor vijftig. Daar krijg je vijftig keer eerder kanker van.’
De vrouw verslikt zich in haar tomatensap. ‘Schat, dat meen je toch niet??’
‘Jazeker wel. Zon is juist goed. Zit vitamine D in. Dat is beter dan al die troep op je huid. Dat dringt door je poriën en God mag weten wat dat met je lichaam doet.’
Haar ogen puilen intussen uit als zij ook nog zijn shirt uittrekt.
Ontspannen steekt hij een sigaret op. Nu stikt zij er bijna in. Let op de nuance: ZIJ stikt erin. Niet HIJ.
’Ik dacht dat je gestopt was??? Je bent echt krankzinnig,’ weet zij eindelijk uit te brengen. ‘Weet jij wel hoeveel schade je aan de omgeving veroorzaakt?’
‘Geen idee. Weet jij wel hoeveel schade jij veroorzaakt met jouw gezeik?’
‘Roken is slecht , Karel. Dat is bewezen.’
Karel nu, geen schat meer.
‘Geboren worden ook. Daar schijn je dood aan te gaan. Er zou eigenlijk een waarschuwing op elke pasgeboren baby geplakt moeten worden: “geboren worden veroorzaakt de dood.” Zoiets.
Trouwens; ze stoppen rattengif in de sigaretten.Maakt je luchtpijp wijder.Mooi toch?’
Met een vertrokken gezicht  neemt zij een laatste slok en stapt met grote passen het terras af. Ze steekt zonder op of om te kijken de straat over waardoor ze een net passerende racefiets over het hoofd ziet.
De hard rijdende fietser ziet haar niet over het hoofd maar raakt haar nog hard genoeg om haar een salto te laten maken. Wonder boven wonder komt zij op haar voeten terecht en kijkt verdwaasd om zich heen. Met een bleek gezicht wankelt zij terug naar het terras. In de verte klinkt een sirene.De originele Mannix sirene.The long version. De man neemt nog een trekje. Volledig in de stress van het gebeurde.
‘Schat? Mag ik een sigaret van jou?’
Trillend gaat zij zitten en hij geeft haar een vuurtje en zij neemt een diepe trek. Zij zit net buiten het zonnescherm. De zon glanst op haar huid. Het deert haar niet…

zaterdag 29 juli 2017

Laat je niks wijsmaken

29 juli 1968



Meestal zit ik niet aan de bar. Dat heb ik tot nu toe nog weten te voorkomen.Liever zoek ik een tafeltje op, bij voorkeur waar niemand anders zit.
Ik heb daar een verwrongen theorie over. Verwrongen in de zin van bevooroordeeld maar dat zal mij een zorg zijn.
Als je in een kroeg eenmaal aan de bar belandt is het gedaan met je.  Op een gegeven moment krijg je je vaste plek.  Dat je dan binnenkomt en alle plaatsen zijn bezet behalve die kruk waar jij altijd op zit. Het ergste wat je kan overkomen is dat bij binnenkomst je wodkaatje al op de bar staat. Op dat moment ben je echt diep afgezakt.
De tafeltjes zijn bezet dus sta ik aan de bar.  Staan ja!  Hoewel er nog twee krukken vrij zijn weiger ik te gaan zitten.  Zeg maar, een laatste strohalm waar ik mij aan vasthoud.  Zo lang ik niet zit houd ik de boel onder controle.
Naast mij zit een man die het niet redde en op zijn vaste kruk verveeld wat rondjes draait met zijn glas bier. Het glas beweegt gemakkelijk rond vanwege het vocht op de bar.
Hij neemt een lange haal van zijn shaggie en kijkt mij met bloeddoorlopen ogen aan.
’Ga eindelijk eens zitten man,’  zegt hij.  ‘Ik word nerveus van dat ge-sta van jou.’
‘Neem dan nog een biertje,’  antwoord ik.’  ’Of een pilletje’.
‘Ik heb mij pas toch een goed figuur geslagen,’  zegt hij zonder op mijn advies te reageren.
‘En?,’  vraag ik meelevend.  ‘Sloeg ze terug?’
Daar moet hij even over nadenken. Ik zie een diepe rimpel in zijn voorhoofd ontstaan.
Dan neemt hij een slok bier en zet het glas met een klap op de bar.
‘Gaan we bijdehand doen?,’  vraagt hij. ’Nee het zit zo, ik had afgesproken met een vrouw die ik via internet had leren kennen. Wij hadden afgesproken in Amsterdam,   op het Centraal Station.
Ik kende haar van een foto maar ze zag er in het echt heel anders uit:’die fotograaf heeft er nogal wat tijd ingestoken zeker om er nog wat van te maken?,’  zei ik tegen haar.
‘Dat was niet zo handig,’  antwoord ik.
Hij neemt nog een lange haal van zijn shaggie. ’Dat kun je wel stellen, ze draaide zich meteen om en ging er vandoor.  Nou ja, niemand is volmaakt zal ik maar zeggen.’
‘Dat is waar,’ zeg ik. ‘Maar sommigen laten het wel érg merken.’
Hij neemt nog een lange haal van zijn peuk: ‘Nou moet je niet nog bijdehanter worden maat, dit is een serieus probleem namelijk.’
Ik neem nog een slok van mijn wodkaatje en iemand draait de muziek nog wat harder. Of het al niet hard genoeg stond. Iets met rap of zo dus leg ik wat geld op de bar en drink mijn glas leeg.
‘Ga je nu al weg?,’  vraagt de man ,zijn peuk uitdrukkend om meteen een volgende te draaien.
‘Wil je het vervolg niet horen?’
‘Nee dank je,’ zeg ik.  ‘Als ik tegenwoordig rock wil horen ga ik naar huis. Beter dan hier te blijven rondlummelen.’
De man richt zijn bloeddoorlopen oogjes op mij: ‘Wij zijn anders alleen hier op aarde om rond te lummelen hoor, en laat niemand je iets anders wijs maken….’

ZEN GOEROE

19 september 1969 In een café met veel visnetten aan het plafond lees ik de krant. The Who heeft een rockopera gemaakt en treedt daar...