26 juli 1969
In de drukke kroeg kan ik nauwelijks mijn eigen gedachten volgen. Eerst die spectaculaire maan landing met Neil Armstrong als eerste mens op de maan, gevolgd door de aankondiging gister van President Nixon dat Amerika de oorlog gaat Vietnamiseren (?)
De chaos overdenkend vraag ik mij af wat ik hier eigenlijk doe. Misschien zou een hobby toch beter zijn. Maar ik wantrouw mensen met een hobby. Hoe vinden ze daar de tijd voor? Er moeten dingen gedaan worden. Doelen nagestreefd. De enige troost is; de nummer één van de top-40, Je T’aime… Moi Non Plus van Jane Birkin en Serge Gainsbourg wordt gedraaid.
De chaos overdenkend vraag ik mij af wat ik hier eigenlijk doe. Misschien zou een hobby toch beter zijn. Maar ik wantrouw mensen met een hobby. Hoe vinden ze daar de tijd voor? Er moeten dingen gedaan worden. Doelen nagestreefd. De enige troost is; de nummer één van de top-40, Je T’aime… Moi Non Plus van Jane Birkin en Serge Gainsbourg wordt gedraaid.
De deur gaat open en een meisje komt binnen. Ik ken haar wel, zij werkt bij de bakker.
Soms koop ik iets bij haar. Niet dat ik het nodig heb maar ik vind het zo leuk als zij aan elke klant “anders nog?” vraagt. Ze spreekt het uit als “anders noig?”
Bij mij doet ze dat ook altijd. Gister nog. Ik kocht een chocoladeflik en ja hoor daar kwam zij: ‘anders noig?’ Dus bestelde ik een krakeling.’Is het voor een cadeautje?,’ vroeg ze.
‘Nee hoor,’ antwoordde ik. ’Ik dacht, kom laat ik mijzelf eens trakteren.’
Ze knikte begrijpend. ’Anders noig?’
‘Ja, doe nog maar zo’n Mariakoekje.’
‘Doe maar grof, een héél koekje?? Zou u dat wel doen meneer? Want dat grijpt er wel meteen fors in.’
‘O, eh, ja, goed dat je dat zegt. Doe dan maar een half koekje. Kan het wel ingepakt?’
‘Tuurlijk meneer, anders noig?’
‘Ja.. U verkoopt toevallig geen pinda’s ?’
‘Nee meneer, helaas. Anders noig?’
‘Zou u dan een pinda van zo’n pindarotsje kunnen halen? Het rotsje zelf hoef ik niet.’
Ze schraapt met een mesje een pinda van een rotsje en doet hem in een zakje.
‘Anders noig?’
‘Eh nee, zo zijn wij er wel zou ik denken.’
‘Dat is dan veertien cent. Zal ik het laten bezorgen of denkt u dat het zelf kunt tillen?’
Soms koop ik iets bij haar. Niet dat ik het nodig heb maar ik vind het zo leuk als zij aan elke klant “anders nog?” vraagt. Ze spreekt het uit als “anders noig?”
Bij mij doet ze dat ook altijd. Gister nog. Ik kocht een chocoladeflik en ja hoor daar kwam zij: ‘anders noig?’ Dus bestelde ik een krakeling.’Is het voor een cadeautje?,’ vroeg ze.
‘Nee hoor,’ antwoordde ik. ’Ik dacht, kom laat ik mijzelf eens trakteren.’
Ze knikte begrijpend. ’Anders noig?’
‘Ja, doe nog maar zo’n Mariakoekje.’
‘Doe maar grof, een héél koekje?? Zou u dat wel doen meneer? Want dat grijpt er wel meteen fors in.’
‘O, eh, ja, goed dat je dat zegt. Doe dan maar een half koekje. Kan het wel ingepakt?’
‘Tuurlijk meneer, anders noig?’
‘Ja.. U verkoopt toevallig geen pinda’s ?’
‘Nee meneer, helaas. Anders noig?’
‘Zou u dan een pinda van zo’n pindarotsje kunnen halen? Het rotsje zelf hoef ik niet.’
Ze schraapt met een mesje een pinda van een rotsje en doet hem in een zakje.
‘Anders noig?’
‘Eh nee, zo zijn wij er wel zou ik denken.’
‘Dat is dan veertien cent. Zal ik het laten bezorgen of denkt u dat het zelf kunt tillen?’
Het meisje passeert mij met een blik van herkenning. Ze loopt rechtstreeks naar de bar, bestelt twee vazen bier en loopt weer terug. Als zij mij weer passeert stopt ze: ’Hoi, biertje?’ Ze houdt uitnodigend een vaas omhoog.
‘Eh..graag.’
Ze pakt de bovenkant van mijn overhemd, trekt het naar voren en gooit het bier naar binnen.
Dan reikt zij mij de vaas met nog een klein bodempje bier erin aan.
‘Het is iets meer, mag dat?’
Verbijsterd knik ik terwijl het bier over mijn borst en buik druipt.
‘Fijn,’ zegt ze. ‘Anders noig?’
Ik staar haar aan maar zij loopt weg. Ze ruikt naar vers bruin brood…
‘Eh..graag.’
Ze pakt de bovenkant van mijn overhemd, trekt het naar voren en gooit het bier naar binnen.
Dan reikt zij mij de vaas met nog een klein bodempje bier erin aan.
‘Het is iets meer, mag dat?’
Verbijsterd knik ik terwijl het bier over mijn borst en buik druipt.
‘Fijn,’ zegt ze. ‘Anders noig?’
Ik staar haar aan maar zij loopt weg. Ze ruikt naar vers bruin brood…

Geen opmerkingen:
Een reactie posten